Paterson/Keltische Astrologie: 18 maart – 14 april
Mars & Maurth – Pentagram of de Havik – goden: grieks – ares, keltisch – bran, arthur, airem en teutates.
In Ierland beschouwt men het nog steeds als misdadig wanneer iemand een heilige els omhakt. De persoon, die dat doet is persoonlijk verantwoordelijk als er in het dorp ongelukken voor doen.
De deva ( geest) van de els is blijkbaar agressief en wordt in staat geacht het huis van de schuldige in brand te steken. De els is in principe de boom van het vuur, en het soepele hout is goed bestand tegen de inwerking van water. Een van de tekens van de heiligheid van de els ziet men wanneer hij geveld wordt. De binnenkant van de bast, die eerst wit is, scheidt later een rode stof af, die sterke overeenkomst vertoont met menselijk bloed.
De elzetak van Bran was het teken van de wederopstanding, gesymboliseerd door de spiraal van elzeknoppen.
Groenblijvende naalddragende bomen en struiken. Manlijke en vrouwelijke bloemen op afzonderlijke planten.Zaad gevat in een vleesachtig, vaak rood doorschijnend, omhulsel / schijn besvrucht.Naalden plat, Bovenzijde donkergroen, onderzijde lichtgroen, afzonderlijk ingeplant.Zaad en naalden zijn giftig. Bast roodbruin, bij oudere bomen gedeeltelijk loslatend.
Tekening paul hoftijzer
DE TAXUS Botanisch
De taxus is een inheemse soort, waarvan de oorspronkelijke variëteit zeldzaam tot zeer zeldzaam is.
Taxus BACCATA
ook: venijnboom, naast ijf of ief geheten
De Taxus is inheems in Europa, Iran en Algerije. Deze groenblijvende naaldboom met platte naalden kan in vormen worden gesnoeid. De boom kan zeer oud worden, tot wel 3.000 jaar.Hout is hard en duurzaam. Hoogte tot 25 m. Bloemen maart/april, manlijke geel, 0,6 cm, vrouwelijke kleiner en groen, bloeien op aparte bomen. Vruchten rood en 1,2 cm. doorsnede.De bladeren en de bessen(vooral de pitten) zijn zeer giftig.
De hoogste taxus ( 22 meter) staat in Nederland in Warmond(ZH), Huis te Warmond en is gepland tussen 1600 en 1700. De boom met de grootste omvang ( 375 cm) staat in De Steeg (Brantsenpark).
Tekening paul hoftijzer
Bijzonderheden
De taxus is een relictboom en is vooral verdwenen vanwege de giftigheid voor het vee en de geringe marktwaarde van het hout. De bomen kunnen zich uitzaaien via vogels, die de bessen eten.
In de Middeleeuwen was de taxus echter een belangrijke grondstof voor de wapenproductie. Taxushout bevat geen hars, heeft een onbegrensd weerstandsvermogen. Vanwege de uitzonderlijke veerkracht is het hout bij uitstek geschikt voor het maken van bogen. Daarnaast voor stelen van bijlen. De taxus levert ook mooi meubelhout, onderdelen van gereedschappen en fineer op, maar wordt nu nog maar zelden gebruikt. Omdat de taxus zich gewillig laat snoeien is het een waardevolle boom in de tuinkunst: gesnoeid tot allerlei curieuze vormen, zelfs diervormen.
Men vindt de taxus ook veel op kerkhoven. Een goede kwaliteit doolhof is gemaakt van taxus.
Het loof werd vroeger gebruikt bij bepaalde festiviteiten en rituelen. Bij de viering van het oude Keltische nieuwjaar krijgt iedereen een takje taxus als symbool voor het loslaten om hernieuwing mogelijk te maken.
MEDISCH
Uit de Taxus Brevifolia wordt taxol gewonnen. Een stof die van belang is bij de bestrijding van kanker, omdat het de menselijke celdeling tegen gaat. Ook is men bezig een vergelijkbare stof uit de gewone taxus te winnen.
Door natte taxusnaalden te laten smeulen ontstaat een rook, dat muggen wegjaagt.
Een afgekoeld aftreksel van de naalden kan gebruikt worden om nerveus en onrustig vee te kalmeren. Het heeft een enigszins verlammend effect.
Tuinhibiscus ((Hibiscus syriacus) of vroeger bekend onder de naam altheastruik kan uitgroeien tot stevige struiken die wel 2 meter omvang kunnen hebben en wel 3 meter hoog. Van oorsprong komt deze Hibiscus-soort uit Azië, in Zuid Korea is het de nationale bloem. Het is hier al lamg gelden ingevoerd en sommige varieteiten kunnen goed tegen nachtvorst en koude. Na strenge vorst vriezen de takken in. Ook als je ze snoeit komen ze tot bloei, want ze bloeien in bovenste bladeren van de jongste scheuten. De bladverliezende plant heeft vrij grote, ovale drie lobbige bladeren. De jonge bladeren zijn appelgroen, maar ze worden snel donkerder groen. Tuin-hibiscus bestaat in heleboel verschillende soorten met enkele en dubbele bloemen in vele kleuren als wit, roze, blauw, paars en licht tot heel donker-rood. Ze bloeien van augustus tot diep in de herfst, de laatste jaren zelfs tot in begin november.
Een koude en natte zomer geeft veel minder bloemen. Dan vallen de knoppen voor de bloei er af. Soms herstellen ze zich snel na een natte periode en vormen ze opnieuw bloemknoppen. En zetten U dan later in het jaar toch in de bloemen. De TUIN-HIBISCUS is tegenwoordig een veel voorkomende plant van elders. Het is een wintervaste plant, die het goed doet in ons klimaat. Het behoort tot de kaasjeskruidfamilie, die meerdere eetbare planten kent als natuurlijk klein en groot kaasjeskruid zelf, maar ook de stokroos en de lindeboom. Hibiscus-soorten komen op veel plekken op de wereld voor vanaf Zuid-Europa, oost Europa tot ver in Azië. Vele worden als groente gegeten of hebben een medisch nut.
Wil je meer weten over enkele andere planten uit deze familie-
Men kan tuinhibiscus uit stekken op laten groeien. Snij ze dan wel vroeg in de herfst en laat ze in huis in de winter verder uitgroeien en goed wortelen. In april zou men ze dan buiten kunnen uitplanten.
Ook uit zaad is tuinhibiscus op te kweken. Onder andere Vreeken levert er zaad voor. Zaaien in huis van januari tot mei. Verspenen op 6cm. en verder laten uitgroeien. Tuinhibiscus houdt van een rijke, niet te natte grond, liefst in de volle zon, maar zeker niet op een erg winderige plek planten. Voor een warme zuidmuur doen ze het uitstekend.
MEDISCH
Tuinhibiscus heeft een medicinale werking. Vooral de bast wordt onder andere gebruikt voor vele middelen zoals bij de bestrijding van diarree, dysenterie en pijn.
IN DE KEUKEN
Van de tuinhibiscus is zowel het jonge blad rauw als gestoofd lekker en kunnen de bloemen zowel rauw als verwerkt gegeten worden. De wortels zijn zelfs eetbaar maar als bron van koolhydraten hebben ze weinig smaak.
Van bloem en blad kan men vers en gedroogd kruidenthee zetten.
Alle recepten voor kaasjes kruid en stokroos zijn ook voor tuinhibiscus te gebruiken.
VLIER werd van oudsher bij stalruimtes aangeplant om vliegen weg te houden. Vandaar dat het de naam heeft alle kwaadaardige plagen en krachten buiten je lijf en je huis te houden. Er zijn vele sages en sprookjes waarin vlier een rol speelt.
VLIER BOTANISCH
Vlier is meestal een hoge struik of een kleine boom, algemeen in Europa voorkomend. Vlier bloeit in witte trossen vanaf eind mei tot in juli afhankelijk van de staanplaats. Het draagt donkerrode, bijna zwarte vruchten in dezelfde trossen vanaf eind augustus. Vlier staat overal in bossen, vaak aan de rand daarvan, in parken en plantsoenen maar ook langs wegen en houtwallen. Pas als de vlier gaat bloeien valt hij op. De witte trossen, die op schermen lijken, hebben een zoete, beste bedwelmende geur. Sommige mensen vinden deze muskusachtige geur niet aangenaam. Als je vlierbloesem wilt gaan plukken zie je dat vlier een actief insectenleven met vooral veel insecten in vele soorten en kevertjes heeft. Vlinders en bijen mijden vlier vaak.
Na de bloei is de vlier een tijd onopvallend aanwezig, maar dat veranderd snel als de bessen beginnen af te rijpen en even later de trossen zwaar van de vele besjes door hun gewicht naar beneden beginnen te hangen. Dan eind augustus tot september verkleuren de bessen om uiteindelijk dieppaars, bijna zwart te worden. Vogels zijn er dol op en verspreiden de harde zaden die er binnenin zitten door ze elders uit te poepen.
Doordat vlier zich aan vele omstandigheden aanpast en uiterst snel groeit is deze plant wel overal te vinden. Van nature groeit vlier graag boven waterlopen.
AANPLANTEN
In de praktijk worden vlier via een winterstek vermenigvuldigd. Het slaat dan vrijwel altijd snel aan.
WAT IS EEN WINTERSTEK?
Zodra het blad van de takken is gevallen, knip je met een scherpe snoeischaar enkele stevige, rechte scheuten af die dat jaar gevormd zijn.
Haal de top eraf, verdeel de rest van de tak in stukjes van tien tot twintig centimeter.
Zet de stukjes rechtop in een geultje en vul het geultje met zanderige grond. Zo bevriezen ze niet en blijven ze vochtig genoeg.
Laat de bovenkant van de stekken boven de grond uitsteken.
Graaf in het vroege voorjaar de stekken op en pot ze apart op.
Dit werkt bij vele struiken of bomen als: wilg, kornoelje, liguster, boerenjasmijn, kruis- en rode bes, druif, buddleja (vlinderstruik), braam en natuurlijk vlier. In het eerste jaar na uitplant worden dit dan al behoorlijke struiken, die vaak dan het tweede jaar al gaan bloeien.
Men zou in de winter wat grotere takken uit een vlierboom of struik moeten snoeien, zodat jongere takken meer ruimte krijgen. Vlier bloeit namelijk op een-jarig hout. Vlier houdt van een bedekte bodem. Geschikt om verloren hoeken van je terrein op te vullen en als windvang te dienen. De vlier doet het goed op alle gronden, maar moet niet in het water staan. Op droge gronden valt de opbrengst tegen.
Vlierstuiken zijn bij kwekerijen te koop. Als “bosplantsoen” voor rond de 0,70 euro te koop. Tegenwoordig worden er ook soorten aangeboden waarbij men aangeeft dat deze een verhoogde productie aan bessen geven. Korsör is zo’n ras met een lager anthocyaangehalte. Ook ‘Haschberg’ afkomstig uit Oostenrijk is zo’n variëteit. Voor rond de 7 euro zijn deze planten in pot in de handel.
Natuurlijk kan men vlier ook nog zelf uitzaaien.
PAS OP VOOR BERGVLIER & KRUIDVLIER
Bestudeer voor het plukken ook de kenmerken en uiterlijk van berg- en kruidvlier, want aan die planten moet je gewoon voorbijgaan. De geur van kruidvlier vind ik duidelijk onaangenaam en deze plant broeit niet op hout.
Daarnaast heb je bergvlier, maar die bloeit echt later en heeft in trossen, die niet op de schermen van echte vlier lijken, witte bloemen en later trossen echt felrode bessen (niets hiervan gebruiken).
De vlier is verweven in de Europese folklore. In het algemeen houdt vlier ‘heksen en andere enge wezens’ op afstand.
Een oude vertelling verhaalt van twee jongemannen, die zich heel lang geleden op een zwoele zomerdag te slapen legden in de schaduw van een oude knoestige vlierstruik.
….”Een van de twee zag in zijn droom hoe uit de mond van zijn vriend een klein grijs muisje kroop. Het diertje keek even om zich heen. Vervolgens rende het snel naar de stam van de oude vlier.
Daar bleef het een tijdje rondscharrelen. En ritselde het tussen het afgevallen blad en de dode takken. Ineens verdween het muisje even snel als het gekomen was in de mond van de slaper.
Eenmaal goed wakker, vertelde de jongeman deze droom aan zijn vriend.
Die vond dat de droom één of andere betekenis moest hebben. Want een droom onder een vlierstruik heeft voorspellende waarde.
‘Wij gaan gewoon kijken op de plek, waar het muisje rond bleef scharrelen’, zei de vriend.
Met vereende krachten begonnen zij de grond tussen de wortels onder de vlier af te tasten. Van een muizenhol was geen spoor te vinden.
Na lang zoeken voelden zij een hard, koel voorwerp onder de grond.
Er werd een spade geleend uit een nabijgelegen schuur. Toen begon het graafwerk.
Er kwam een mooie stenen pot uit het gat. Met veel moeite kregen zij het deksel open.
De pot bleek tot de rand toe gevuld met zilver- en goudstukken.”…..
Hoe de pot daar gekomen is, wordt niet verteld. Maar misschien is het wel een schat van een heks of een duivel……
Van de vlier werd en wordt nog steeds gezegd, dat vele duistere wezens tot de vaste bewoners van oude vlierstruiken behoren. Omhakken of uitrukken van een vlier, vraagt om problemen. De kans dat de bewoners zich wreken wegens deze verplichtte verhuizing is niet gering.
De Vlinderstruik (Buddleja Davidii) is pas vanaf 1900 op grote schaal hier aangeplant. Al in de 17e eeuw is de plant vanuit China in Europa ingevoerd. Eerst rond de Tweede Wereldoorlog is de plant hier ingeburgerd. Maar omdat de plant van oorsprong het vooral goed doet op droge, rijkere grond geeft deze exoot hier weinig problemen. Zeker doordat hier maar weinig geschikte groeiplekken in onze landschappen bestaan.
Buddleja aan de stoep Thijmstraat Nijmegen
VLINDERPLANT
Buddleja trekt veel vlinders aan. Het is echter geen waardplant voor hier van oorsprong voorkomende vlindersoorten. Dus bevordert de plant de biodiversiteit van vlinders niet. Maar onder andere Atalanta, Dagpauwoog, Witjes, Kleine Vos en Distelvlinder bezoeken de bloeiende plant zeker vaak. De bloemen zijn alleen geschikt voor insecten met een lange tong. Daarbij bestuiven deze bezoekers de bloem gelijk.
Bij ernstige vorst vriezen de planten in ( bij ernstige vorst van meer dan -15 graden, kan Buddleja zelfs doodvriezen). Normaliter lopen de planten aan de voet in het voorjaar weer uit.
ROYALE BLOEM BUDDLEJA wilde-planten.nl
Voor een volle bloei is snoei in het voorjaar op zijn laatst in maart nodig. In vele varieteiten met verschillende bloemkleuren is de Vlinderstruik hier te koop . Er zijn bladverliezende, maar ook altijd groenblijvende soorten.
Het blad bevat zeepstoffen. De stof is giftig voor vissen. Voor vee werd het vroeger gebruikt bij problemen met (aars-)maden. Voor mensen werd het als thee gebruikt voor het ophoesten van slijm. Zonder medisch voorschrift echter nooit zelf gebruiken.
In de theetuin van de Hortus in Nijmegen staan vlinderstruiken, maar in de Spoorkuil bij het centrum van Nijmegen met een eigen bijzonder microklimaat staan wintergroene Buddleja’s in het wild.
Noodzakelijke cookies helpen een website bruikbaar te maken door basisfuncties zoals Paginanavigatie en toegang tot beveiligde delen van de website in te schakelen. Zonder deze cookies kan de website niet goed functioneren.
Wij gebruiken geen cookies van dit type.
Marketing cookies worden gebruikt om bezoekers op verschillende websites te volgen. Het is de bedoeling om advertenties weer te geven die relevant en aantrekkelijk zijn voor de individuele gebruiker en daardoor waardevoller zijn voor uitgevers en externe adverteerders.
Wij gebruiken geen cookies van dit type.
Analytische cookies helpen website-eigenaren om te begrijpen hoe bezoekers omgaan met websites door informatie anoniem te verzamelen en te rapporteren.
Wij gebruiken geen cookies van dit type.
Voorkeurscookies stellen een website in staat om informatie te onthouden die de manier waarop de website zich gedraagt of uiterlijk verandert, zoals de taal van uw voorkeur of de regio waarin u zich bevindt.
Wij gebruiken geen cookies van dit type.
Niet-geclassificeerde cookies zijn cookies die we in het classificeren, samen met de aanbieders van individuele cookies.
Wij gebruiken geen cookies van dit type.
Cookies zijn kleine tekstbestanden die door websites kunnen worden gebruikt om de ervaring van een gebruiker efficiënter te maken. In de wet staat dat we cookies op uw apparaat kunnen opslaan als ze strikt noodzakelijk zijn voor de werking van deze site. Voor alle andere soorten cookies hebben wij uw toestemming nodig. Deze site maakt gebruik van verschillende soorten cookies. Sommige cookies worden geplaatst door diensten van derden die op onze pagina's worden weergegeven.