VIJG

Een niet inlandse boom, die het nu hier goed begint te doen.

Vroeger had men hier alleen gedroogde vijgen. Vijgenbomen zag men nooit gewoon in een tuin. Alleen bij rijkere, vaak adellijke buitenhuizen, trof men soms een vijgenboom aan als die over een kas daarvoor beschikten. Of ze hadden een vijg, maar palmboom of een sinaasappel in een grote pot of kist in de zomer op het terras staan, die dan in de koude periode naar de wintertuin verhuisden.

Toen we in Zuid-Frankrijk woonden hadden we zelf meerdere vijgenbomen in de tuin staan. Die zaten twee keer per jaar vol vijgen. En die in het najaar waren echt sappig en overheerlijk. Heerlijk om zo direct van de boom rijp op te eten. Die uit het voorjaar werden tot vijgenjam verwerkt. Daar hebben we zo de smaak van vijgen leren waarderen. Terug een Nederland kwam er ineens een vijgenboom op ons pad en die staat tegenwoordig naast een citroenboom met nu zelfs rijpe citroenen als het niet vriest op ons balkon. Het is nog maar een kleintje, dus vijgen hebben we nog niet gezien. En door deze ervaring snappen we het nut van een wintertuin: een zonnige, droge plek voor de winter-periode, waar het niet gaat vriezen. Want het is toch veel mooier om planten, die niet vorstvast zijn op die manier de koude te laten overleven.  Want ingepakt in noppenfolie gaat het ook, maar ik heb iets tegen in plastic verpakte planten. En maar weinig kennen de luxe van een verwarmde kas bij hun huis om daar een vijg in te planten.

Toch kan men in de Lage Landen goed vijgen buiten in je tuin kweken. Je moet alleen voor een goede standplaats zorgen en een geschikte (zelfbestuivende) soort vijg uitzoeken. Er zijn namelijk ook vijgenbomen die best tegen vorst kunnen.

VIJGENBOOM BOTANISCH

Vijg = Ficus carica is een boom of grote struik uit de moerbeifamilie. De plant bloeit meestal rond mei en de lekkerste vijgen oogst je in de herfst (september en oktober).

De gewone vijgenboom is inheems in Zuid-Europa en Noord-Afrika. In het Nederlandse klimaat wordt de vijg niet groot en blijft meer een brede struik. De vijg kan hier wel tot meer dan 5 meter uitroeien. De vijg houdt van een ietwat vochtige grond en staat graag op een beschutte warme en zonnige plaats. De bladeren zijn dik en leerachtig. Ze kunnen 30 x 25 cm groot worden. De bladeren hebben een hartvormige voet en zijn drie- tot vijflobbig. De vijgenboom heeft kleine bloemen. Ze zijn opgesloten in een bijna gesloten bloembodem die vlezig is. De mannelijke bloemen zitten vlak bij de opening.

De bevruchting van de vijgenboom geschiedt door symbiose met een galwesp, die zowel zichzelf als de vijg voortplant. De vijgenwesp komt in Nederland niet voor. De onbevruchte bloem kan hierdoor niet afrijpen en valt af. Om toch ook in ons gematigde klimaat eetbare vruchten te krijgen zijn er cultivars ontwikkeld die vruchten ontwikkelen zonder dat er een bevruchting aan te pas komt. Een voordeel van deze maagdelijke vruchtzetting is dat deze variëteiten vrij zijn van pitten.

De rijpe vruchten variëren van kleur en worden rond de 6 cm lang. Vijgen zijn vers goed te eten en heerlijk zoet. Ze zijn ook goed te drogen.

Behalve als je een plek binnen hebt waar een vijgenboom kan overwinteren, moet je hier een vijg niet in een pot planten. Want de kans op bevriezing in een pot is veel groter.

Jonge vijgen kan je het beste in het voorjaar planten, dan kunnen de boompjes rustig door het jaar heen wortelen. Plaats een vijg niet op een natte plek. Het beste is om de vijg wat verhoogd te planten. Extra water geven, zelfs in een droge zomer is eigenlijk niet nodig.

Snoeien hoef je bij een vijg eigenlijk nooit. Moet je het wel doen (bij voorkeur van november tot februari) plant de scheuten gewoon in een pot en zet die binnen warm. Snij dan het liefst stukken af met meerdere knopen van ongeveer 35 cm lengte. Meestal zullen ze uitlopen en heb je in het voorjaar een nieuw vijgenboompje, waar je vast iemand blij mee kunt maken.

Onze vijg op balkom

GESCHIKTE RASSEN:

De wintervaste soort Brown Turkey wordt hier regelmatig aangeboden, maar de smaak van de vijgen valt best tegen.

Voor een goede rassenlijst kijk op: https://www.vijg.nl/rassen/

Zoek voor hier een ras uit die goed wintervast is en smaakvolle vijgen geeft. De beschikbare ruimte bepaald de groeisnelheid die je bij voorkeur moet kiezen. Plant ze in ieder geval in het voorjaar in matig van compost voorziene grond. Het beste planten op een verhoging. Mulching helpt in de winter erg tegen bevriezing. Je kunt de onderzijde van een vijgenboom daarnaast ook in de winterperiode in stro verpakken.

Een struik van rond de zestig cm in pot van een voor ons klimaat geschikt ras kost rond de 12 euro.

Recepten en meer informatie over vijgen

VLIER GEDICHT

DE VLIERSTRUIK in onze vroegere achtertuin

Kaal staan de stammen

Recht in de grond gestoken

Land in de dertiende maan verlicht en gebroken

Het blauwe maanlicht maakt de nacht oud

Land bedekt met sneeuw, zo inkoud.

De aardgeesten kleumen in de aarde

In deze koude nacht gevangen

Dromend van slechts 9 maanden geleden

Nee, nooit meer in de bedwelmende roes bevangen

In de bloemen geur en

stralende witte bundels sterretjes vol verlangen

zij ook hier vastzaten zo even

Dromend over dood en leven

Dromend over zin en zijn

Gedachten met de volle zomer voor de deur

Verdrijven met elke slok bubbelwijn.

Doortrokken met die bloemengeur

Die mens en heks tot voorzicht raden

Om zichzelf niet te verraden

En verder met je pad te gaan

Want het einde kan je niet overslaan

Uit dood komt een nieuw beleven

Terwijl de aardman op de vlierfluit blaast

Ons netzo als de vlierwijn verbaast,

Van vergeten, al is het even.

GASPELDOORN

Stekelbrem/Gaspeldoorn

Andere bomen/struiken

Stekelbrem/Gaspeldoorn    ULEX EUROPEUS    Furze/Gorse(eng)    

S.G.(extra)                                           Ohn                 kleur: goudgeel

® Goed in verzamelen, een ekster.

BACH – (onzekerheid) wanhoop, verslagenheid, niet meer durven hopen op herstel, bij chronische problemen en ziekte.

Ulex Europeus. De gaspeldoorn is een stekelige, altijdgroene struik of heester. Vrij zeldzame doornstruik tot 2 m., voorkomend op ruige terreinen met veel gras, vooral heide- en heuvelgebieden.

Langs de hele Atlantische kust van Europa. De heldergele, amandelgeurige bloemen komen uit vanaf februari, al bloeien ze het meest overvloedig in april en mei. Bloeit soms al in december/januari.

HAAGBEUK

Haagbeuk

INHEEMSE SOORTEN

variëteit, zeldzaam tot zeer zeldzaam

haagbeuk           Carpinus Betulus    hornbeam(eng)

BACH 17- (onzekerheid) het ‘maandagmorgen gevoel’, talmen, uitstellen.

Carpinus Betulus. De haagbeuk is een soortgelijke boom als de beuk, hoewel veel kleiner (maximaal 19 m.). te vinden in bossen en kreupelhout. De hangende mannelijke en rechtopstaande vrouwelijke bloemen zijn groenbruin en openen zich in april/mei. De katjes blijven in de knop gedurende de winter en komen pas in het voorjaar te voorschijn. vruchten zijn kleine nootjes met grote opvallende bracteeën. De haagbeuk is inheems in Klein Azië

en Europa. Veel aangeplant als haag, park- en straat-boom. Het harde fijn-vezelige hout wordt gebruikt voor hamers, kegels en bepaalde beweegbare piano-onderdelen. De bladeren kleuren helder geel in de herfst. De schors is grijs met bruine strepen en met verticale schorslijsten.

In Utrecht in het Hooglandsepark staat een haagbeuk, geplant tussen 1750 en 1800, 25 meter hoog en met een omvang van 480 cm.

De haagbeuk is een belangrijke boom van de rijkere vochtige loofbossen. Hij groeit daar van nature samen met de zomereik, de winterlinde en de hazelaar. De mooiste haagbeukbossen komen vooral in zuid limburg en in de beekdalen in oostelijk Nederland voor.

Een van de meest wonderbaarlijke boomvormen is de geknotte haagbeuk. Om de boom tegen veevraat te beschermen wordt hij op 2 of 3 meter hoogte afgezet en gesnoeid. op den duur ontstaan zo grillige boomvormen, die in de avondschemering meer weg hebben van een vergadering spoken. Even over de grens bij Oldenzaal in Bentheim staan indrukwekkende knothaagbeuken. In de oerbossen van Neuenburg en Hasbruch vindt men er nog veel meer.

In Zuid limburg wordt de haagbeuk als perceelscheiding benut.

HEGGERANK

Heggerank is een algemene tweehuizige klimplant met een dikke, soms zeer grote knolvormige wortelstok. Stengels tot 4 meter lang.

De plant is giftig, maar wordt medicinaal gebruikt. De rode bessen zijn uiterst giftig ( slechts vijftien zijn al dodelijk voor een kind). rijp in augustus tot oktober.

HEGGERANK

HEGGERANK = Bryonia Dioica (Komkommerfamilie)

Heggerank is een algemene tweehuizige klimplant met een dikke, soms zeer grote knolvormige wortelstok. Stengels tot 4 meter lang.

De plant is giftig, maar wordt medicinaal gebruikt. De rode bessen zijn uiterst giftig ( slechts vijftien zijn al dodelijk voor een kind). Rijp in augustus tot oktober. De wortels, die bietachtig zijn, werden vroeger als sterk afdrijvend middel gebruikt. Overdosis geeft ademhalimgsproblemen tot dodelijke verlamming van de luchtwegen toe.

HEIDE

Heide

Inheemse soorten

Andere bomen, struiken

Heide            Calluna Vulgaris                                            

Heather(eng)      Bruyere(fr)

S.G.(extra)                  Ur          kleur: paars

( het keltische letterteken Ur heeft ook een relatie met de Maretak  Viscum Album, zie verder daar)

® Verbindt met het innerlijke zelf, alles geneest.

Binding met het teken schorpioen.

BACH -(eenzaamheid) geobsedeerd door eigen problemen en ervaringen, spraakzaam, zich vastklampen aan elke toehoorder.

Calluna vulgaris, struikheide is een bekende groenblijvende struik, die enorme heidevelden aan het eind van de zomer paars kleurt. Bloeit van juli tot september. De bloemen zijn mauve, roze en soms wit.

HOGE HULSTBOMEN in het REICHSWALD

Een Romeinse weg loopt langs de Rijn omhoog om uiteindelijk vanuit Keulen bij Nijmegen in ons lage land te komen. Deze nu voor toeristische fietsers populaire route was al eeuwen een belangrijke handelsroute, die de landen aan de Noordzee met centraal Europa verbindt.

Langs deze weg (‘limes’-route = ‘grens’-route: zover is de Romeinse expansie tot in het Noorden gekomen ) vindt men vele herinneringen aan die Romeinse tijd.

Ook voor andere cultuurperiodes was de Rijn bepalend. Zo zijn daarnaast langs de Rijn ook de resten van de aanwezigheid van bewoners uit alle tijden te vinden.

Even ten Noorden van Xanten (in de Romeinse tijd de Noordelijkste stad met vergelijkbare rechten als Rome) ligt ten midden van akkers en weiden een verheven bosgebied aan de Via Romana.  Als een rots rijst het woud hier op uit het landschap.

Mariabaum heet het dorp ernaast gelegen.  Reden temeer om dit oude heilige woud te bezoeken. Omdat dit bos zo boven het omliggende landschap uitsteekt, is de heuvel

steeds weer als verdedigingsbolwerk gebruikt. Net aan de rand van het bos vindt men nog de verdedigingswallen en greppels, die hier zijn gegraven om zich nog beter tegen mogelijke aanvallers te weren. Net zoals vaak bij andere ‘Rijkswouden’ in Duitsland, heeft de liniaal de huidige paden en wegen bepaald.

Toch blijft het mogelijk via veel oudere paden het bosgebied te onderzoeken. Misschien moet je bij de oude koepelgraven beginnen. Net zoals op andere oude kenmerkende plekken liggen hier deze grafheuvels in groepjes van drie aan de rand van het bos.

Zoals altijd plekken vol mystiek. Wij kunnen hier altijd gemakkelijk contact maken met voorvaders en andere voorlopers. Ga rustig bij of middenop z’n koepelgraf zitten of liggen. Richt je blijk op de horizon of een langsvliegende vogel en laat je daarvanuit wegleiden op een reis op weg naar de andere werkelijkheid. Meestal zoeken wij achteraf met ons hoofd vol beelden  een grote eik of grove den op. Zeker als het niet bewolkt is, wordt je rustig tegen de boom aangezeten weer geladen met pure zonnekracht.

Voor ons nodig om de waarnemingen in ons gewone leven een juiste plaats te geven.

Dit is een ideale voorbereiding om tot het hart van het ‘Hochwald’ te gaan.

Een bos vol grote bomen: berken, eiken, beuken, geurende sparren, bijna even grote lijsterbessen en hier en daar een oude taxusboom. En dan duizenden kruiden en varens, een waar paradijs voor herten en andere wilde dieren.

Wij blijken weer eens van de route te zijn afgeraakt. We staan bij een hoog hek, vol met waarschuwingen voor gevaar en verboden om te fotograferen. Op een toren gelegen tussen zoemende barakken ligt een zilveren bal.

Vanuit het duister van het bos lijkt deze te vliegen op de zonnestralen. Even gaat de bol ratelend open en zien wij een enorme sterrenschotel zich richten op signalen uit het universum.

Ook wij richten ons op onze werkelijkheid boven ons. Zo worden wij weggeleid om even later gevangen te worden door de glinstering van regendruppels op hulstbladeren gevangen. De schittering van het water, met het diepgroen van het blad neemt ons mee naar het oerzijn van dit woud. Wij staan temidden van alleen maar hulstbomen. Niet van de kleintjes of zoals vaak in Nederland van maximaal 3 meter hoog.

Nee, echte hulstbomen misschien sommige wel tien meter hoog. De dikte van de stammen verraad de hoogte van deze bomen niet echt. Als je weet dat een Hulst gemiddeld 5 cm. per jaar groeit, is een grotere hulstboom al een omweg waard.

Dit hulstbos trilt van het hoge energieniveau. Deze bomen staan hier al vele jaren hun best te doen om te overleven in de strijd van het leven. En dat is ook de boodschap die helder bij ons achterblijft, na er in geslaagd te zijn een hulstboom met communicatiebereidheid te hebben gevonden.

‘… het is niet belangrijk je zin te krijgen, nee wat telt is dat je voor alles vecht, je inzet in elke situatie, om zo het beste wat in je is naar boven te halen, het beste wat voor jou mogelijk is gezien de situatie en de omstandigheden. Ga er altijd voor…..’ 

HULST

Geslacht  Ilex   Familie  Aquifoliaccae

Meestal groenblijvende bomen en struiken. Kenmerkend is de diepe was-glans, de kleur en de vorm van de bladeren. Blad is meestal stekelig en gegolfd en getand, eindigend in een doorn. Aan een plant soms sterk wisselend in vorm. Leerachtig, aan de bovenzijde donkergroen, onderzijde lichter groen.  Manlijke en vrouwelijke bloemen, klein, kort gesteeld in schijntrossen, witte sterretjes, zacht geurend, op afzonderlijke bomen. Vruchten giftig, bestaande uit één of meer zaden met een vlezige bedekking, meestal fel scharlakenrood van kleur.

HULST      BOTANISCH

Hulst is een inheemse soort, de oorspronkelijke variëteit komt nog vrij zeldzaam voor.

  • ILEX Aquifolium                                

Hulst is een groenblijvende boom of struik met glanzende donkergroene bladeren met prikkels en rode bessen. Inheems in West Azië en Europa. Hoogte meestal tot 10 meter, soms veel groter tot wel 25 meter. Komt voor in bossen, hagen en in kreupelhout. Bloemen klein en wit, vaak met een beetje paars. Hulst bloeit van mei tot augustus. De bessen zijn helder rood en blijven de hele winter aan de struik. De bessen zijn pas in het najaar rijp.

De hoogste hulst in ons land staat in Zelhem (Gelderland) en is 18 meter hoog. Aan de dorpsstraat in Havelte (Drenthe) staat een hulst geplant tussen 1700 en 1750, met een omvang van 4 meter.

Nuttig gebruik van Hulst

Het hout was vroeger zeer gewild voor schaakstukken, inlegwerk en houtgravures. Omdat het hout hard en fijnvezelig is wordt het nog steeds gebruikt voor o.a.: houtdraaierij, bij inlegwerk en voor gravures.