DE MEIDOORN

blijf op jezelf, spirituele groei en oogst komt

DE MEIDOORN / DE  HAAGDOORN

Whitethorn(eng)         Aubépine(fr)               Geslacht  Crataegus   Familie  Rosaceae

DE MEIDOORN   BOTANISCH

De meidoorn (zowel de één- als tweestijlige) is een algemeen voorkomende inheemse houtachtige soort.

Rijpe meidoorn bessen

 Crataegus Monogyna = De éénstijlige meidoorn of haagdoorn is een bladverliezende struik of boom, gewoonlijk met scherpe doorns. Bladeren getand, vijf tot zevenlobbig. Bloemen tweeslachtig, gewoonlijk in trossen. Vruchten vleesachtig, elke vrucht met één pit. Tot 10,5 meter hoog. Vruchten rijp in september. Schors donderbruin en gebarsten in dunne rechthoekige plaatjes.

 Crataegus Laevigata = De tweestijlige meidoorn is kleiner dan de éénstijlige. Hoogte tot 4,5 – 6 meter. Draagt ook minder doornen. Bloemen ontluikend in mei. Vruchten ovaal, met 2 of 3 pitten. Bladeren minder gelobd dan bij de éénstijlige meidoorn.

Meidoorn in bloei

 Nuttig gebruik

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd jong meidoornblad als vervanger van thee en tabak gebruikt. De zaden als grondstof voor surrogaatkoffie. Het jonge blad is als kruid of salade in het voorjaar erg lekker. De bessen kunnen ook voor inmaak en drankbereiding ingezet worden. Medisch wordt alles van de meidoorn zowel vroeger als nu nog benut. Er is onderzoek voor de inzet van meidoorn ter bevordering van de bloedsomloop.

Kijk verder voor recepten en meer achtergronden op natuur-keuken.nl

De meidoorn is overal in ons land te vinden, ook in de Heemtuin in Geldermalsen , maar ook in de Hortus van Nijmegen.

Voor meer informatie over meidoorn in onze natuur, kijkt men op wilde-planten.nl. Over de eenstijlige meidoorn, klikt men hier en voor de tweestijlige, uiteraard hier.

BACTERIEVUUR is een ziekte waarbij gevoelige planten door een bacterie kunnen worden aangetast.

Gebruik hierbij plantmateriaal van een plaatselijke kweker, die bacterievuur vrij plantgoed kan leveren. In de buurt van fruittelers met peren- of appelbomen en andere soorten die gevoelig voor bacterievuur zijn, moet je een meidoornheg zeker elke winter goed klein snoeien. Zo zal daarin geen bacterievuur kunnen komen. In bepaalde streken mag men soms zelfs in de buurt van appel- en perenbomen geen meidoorn en andere bacterievuur gevoelige soorten aanplanten. Al is het inzicht hierover in de loop van de tijd best aan het veranderen. 

MISPEL een kleine boom of struik met typerende vruchten

MISTEL = Mespilus Germanica is een vrij grillige niet zo hoog uitgroeiende bladverliezende boom uit de familie van de rozen. Sommige struiken dragen doorns maar niet alle mispelstruiken. Het groeit in de Lage landen in het wild langs de oostgrens met Duitsland vanaf Twente, de Achterhoek en zuidelijker.  Ze worden pas na jaren 6 meter hoog.  Het blad is lang en lancetvormig. Echt groen van kleur en aan beide zijden verkreukeld en heeft witte haren aan de onderkant. De boom bloeit in mei, begin juni.

Bloem Mispel

De bloemen zijn groot, (geel-)wit met lange groene kelkblaadjes. De grote witte bloemen zijn erg opvallend en zeer gunstig voor bijen en insecten. De bestuiving gebeurt ook door insecten. Er zijn geen andere bomen nodig voor de bevruchting, dus een mispel kan ook als solitaire plant worden geplaatst. 

Na de bloei

De grote bruine vruchten, die op grote rozenbottels lijken met vijf kelkslippen aan de bovenkant blijven lang hangen. Pas in november of later in het winterseizoen moet men de vruchten gaan oogsten. Enkele nachten vorst is goed voor de vrucht. Laat de vruchten daarna op een koele of licht verwarmde plaats narijpen tot ze zacht, maar niet rot zijn. De schil van de vrucht is leerachtig. Als de vruchten rijp zijn, kan het bruine vruchtvlees uit de schil geschraapt worden. Net als de schil moet men ook de pit niet eten.

De mispel is oorspronkelijk niet inheems en komt uit Zuid West Azië. De boom is door de Romeinen over grote delen van Europa verspreid. Vooral doordat ze in kloostertuinen werden aangeplant, zijn de planten hier ingeburgerd.

Mispelstruiken werden aan de oostgrens met Duitsland waar de struik van nature groeit, vaak bewust gesnoeid dat men er wandelstokken van kon maken. Het hout is gedroogd erg taai en erg sterk.

Meer botanische informatie over Mispel op: https://wilde-planten.nl/mispel.htm

IN HORTUS NIJMEGEN

Als je vanuit de theetuin van de Hortus de beukenlaan oversteekt en het landschappen-deel binnenloopt, staan daar iets verder langs het pad een aantal mispelbomen.

MEDISCH

Mispel zijn vroeger gebruikt bij ingewandsstoornissen en bloedingen.

MISPEL half september

INHOUDSSTOFFEN

De bladeren van mispels bevatten Melavosid ( een glucose van een melavonzuurderivaat).

EETBAAR

Je kan de vruchten zo eten, maar men kan er ook net als appels jam van maken.             

Er werd vroeger veel cider en wijn van gemaakt.

Geoogste mispels

Eertijds werden de mispels gewoonlijk in oktober geplukt en liet men ze narijpen op stro. Maar pas daarbij op de vruchten mogen elkaar niet raken. De ruimte waar de mispels narijpen hoeft zelfs niet verwarmd te zijn en het mag er zelfs vriezen. Op ene koele plek kan het wel 2 maanden duren voordat de mispels vanzelf rijp worden.

Je kunt de rijpe vruchten eigenlijk simpelweg leegzuigen. Maar eet er rauw niet te veel van, want ze hebben echt een stoppende werking.

Recepten voor mispel en meer adviezen: http://www.natuur-keuken.nl/eten/mispel-hoe-rot-moeten-de-vruchten-eigenlijk-zijn/

MISPEL

HET WOORD

“Zo rot als een mispel” is een bekende uitdrukking, wanneer men wil zeggen dat iets totaal bedorven is. Maar eigenlijk zijn mispels als ze overrijp zijn pas erg vol van smaak en kunnen dan uitgelepeld worden om zo te eten of verwerkt worden tot gelei en zo.

MISPELS

Er zijn wel meerdere gedichten waarin een of meerdere mispels een rol spelen.

Het gedicht van Elma Van Haren ( geboren in 1954) spreekt me aan:

Het heden is een mispelachtig soort,
          grensgeval tussen fruit en groente.
Iets met een grote pit erin,
wat flauws en vlezigs, dat om zout
en peper vraagt, een beetje mayonaise.
Het lispelt overspeligheid en beter
          daar confituur van maken
          dan vers te consumeren,
want het vult de mond vervolgens
          met zijn zilte vergankelijkheid.
Het heden dat geslepen
een voortdurend
zachtblauw gebutste
          afdruk van het zelf gebiedt,
                 zodat je vanzelf gaat staan wuiven
                 met de felgekleurde wimpel
                                                        van het ‘ik’.

MOERAS-CIPRES

MOERASCiPRES, EEN BIJZONDERE GAST IN DE HORTUS VAN NIJMEGEN.

Moerascipres (Hortus Nijmegen)

De moeras-cipres (Taxodium Distichum) is hier nu een exoot, die in de 17e eeuw naar Europa is meegenomen. Van nature groeit deze boom alleen in de brakke en zoetwatermoeressen in het zuid-oosten van de Verenigde Staten. In het stilstaande water van zijn leefgebied, zoals de beroemde Everglades is het zuurstof-gehalte in de moerassige bodem en het water beperkt. Om dat op te vangen maakt de moeras-cipres holle luchtwortels, die wel 2 meter hoog kunnen worden. In de Hortus van Nijmegen staan rond en in de plas, meerdere moeras-cipressen waar men vooral in de winter de luchtwortels erg goed kan zien.  Vooral in de herfst kleuren de naalden van deze hoog opgroeiende boom (maximaal 20 meter) spectaculair. Met de lariks is het een van de weinige naaldbomen die jaarlijks hun naalden verliezen. Pas laat in het voorjaar, soms zelfs pas in juni verschijnen na de winter de nieuwe dan frisgroene naalden De boom is hier wel winterhard. In april vormt de boom kleine groene bloemetjes en wat grotere mannelijk bloemen, die uitgroeien tot gele katjes. In de herfst vallen de naalden per takjes tegelijk af, de takken van de moeras-cipres zijn roodachtig, de stam van de boom is vezelig, licht bruin van kleur en de schors schilfert af.

Herfsttak met vruchten

De vruchten zijn eerst groen, verkleuren tot diep paarsbruin. Dan pas laten de schudden de zaden vallen.

Luchtwortels

Overigens is deze boom nu hier ingevoerd, terwijl in prehistorische tijden de boom hier gewoon groeide. In gesteenten worden sporen en zaden van deze plant regelmatig aangetroffen.

MEDISCH

Uit de vruchten wordt in Mexico en het Zuiden van de US een olie gewonnen, dat uitwendig wordt ingezet om zijn specifieke anti-bacteriële werking bv bij Zwarte schimmel. De schimmel Aspergillus Niger komt veel voor maar kan bedreigend zijn bij mensen met een ernstig verzwakt longsysteem. Verder heeft deze olie een cytotoxide werking waarbij het een giftige werkzaamheid geeft tegen bepaalde kankercellen. Ook tegen bepaalde virussen en bacteriën kan het gebruikt worden. Zeker geen medisch werking, die je thuis zou moeten gebruiken.