De Wilg

De boswilg staat

een schitterende bundel nevelzilver,

waar de lente-godin ontwaakte.

The woodland willow stands,

a lovely bush of nebulous silver,

there the spring goddess revealed.

tekening, paul hoftijzer

De Wilg

Langs de oever van het meer stond een zeer oude wilg.

Het was de enige echt oude wilg in een wijde omgeving.

Zij had zich door de tijd heen stevig geworteld in de aarde.

Deze boom nodigde mij uit om zachtjes met haar mee te deinen.

Niet dat ik een keuze had om dat niet te gaan doen.

De bladeren zongen, heelrustig met de golven op het water. Heen en weer.

Doorleef alle seizoenen, voel ze allemaal.

Haar verhaal was als haar boodschap: laat je meedeinen met de (levens-)stroom en de wind. Maar zorg ervoor, geworteld op deze aarde te blijven.

WILG, boom met geneeskracht

DE WILG   BOTANISCH

De schietwilg is een inheemse soort, die veel voorkomt.

Schiet-(knot-)wilg      (Salix alba), lijkt op de katwilg   (Salix Viminalis).                       

Zowel de schietwilg als de kat-wilg is een kleine boom (tot 10 meter). Groeit vooral op vochtige en lage gronden. De buigzame takken worden door mandenmakers gebruikt. In de winter worden de twijgen oranjegeel. De manlijke en vrouwelijke katjes groeien aan verschillende bomen en komen in april/mei uit. Wordt geknot.

tekening, paul hoftijzer 1998

In de HORTUS in Nijmegen staat Schietwilg langs de waterpartij, ook groeit daar boswilg en Duitse wilg. Ook in de Heemtuin van Geldermalsen staan Schietwilgen langsde over van de vertaking van de Linge in overvloed. Ze zouden daar alleen minder vaker geknot moeten worden. Een vast onderdeel van de natuurlijke folklore van ons land en vroeger noodzakelijk voor dijkbescherming en het vlechten van vele manden.

Schietwilg, tekening paul hoftijzer

Naast voor het eerder genoemde mand- en mattenvlechtwerk met wilg kan er van schierwilg een goede kwaliteit houtskool worden gemaakt. Van een variëteit van de Salix Alba, genaamd Caerula worden cricketbats gemaakt. Dus in de Engelse traditie is deze boom onmisbaar.

Medisch gebruik van de (schiet-)wilg

Uit de bast van de wilg werd salicylzuur gewonnen. De oorspronkelijke bron voor aspirine. Het werkt als pijnstiller en verlaagt koorts. Diverse bast-extracten worden toegepast als gorgeldrank bij keelpijn, zuurbranden en maagproblemen, voedselvergiftiging, maar ook om pijn bij jicht te verlichten en zelfs likdoorns te verwijderen. Een thee getrokken van het blad helpt tegen nerveuze slapenloosheid, maar wordt ook aan badwater toegevoegd om pijn bij reuma en artritis te verzachten. De waterwilg (salix caprea) wordt op dezelfde manier gebruikt.

Meer informatie over de schietwilg is op de site van wilde-planten.nl te vinden.

De grauwe wilg SALIX CINERA, is net zoals de schietwilg inheems en komt algemeen voor in België en Nederland.                                                                               

De grauwe wilg is een kleine boom of struik, inheems in Europa. Komt voor op vochtige grond. Tot 10 meter hoog.

De laurier-wilg SALIX PENTANDRA is zeer zeldzaam nog in de Benelux te vinden, alhoewel het wel een oorspronkelijk inheemse soort in Noord-Europa is.

De Laurier-wilg is inheems in Centraal en Noord Europa. Ook in ons land langs waterkanten te vinden. Hoogte tot 20 meter. Katjes ontluikend eind april/begin mei: manlijke geel, tot 6 cm lang; de vrouwelijke groen, slanker en korter. Vruchtkatjes kunnen 10 cm lang worden, de katoenachtige zaden komen in juni vrij. Bladeren donker groen en glimmend.

Ook de kraakwilg SALIX FRAGILIS vindt men bijna niet meer; ook deze wilgensoort is inheems in ons land. Deze soort is ook goed te knotten.              

De kraakwilg is inheems in Europa en West Siberië. Langs waterkanten. De twijgen knappen gemakkelijk af, vandaar de naam. Zo verspreidt de boom zich ook gemakkelijk. Tot 25 m. hoog. Katjes ontluikend in april: de manlijke geel tot 5cm. lang; de vrouwelijke groen, uitgroeiend tot de vruchtkatjes tot 10 cm., die het pluizige zaad in mei vrijlaten. Bladeren smal en ruw getand, eerst licht behaard later onbehaard en glanzend groen.

Verdere informatie op wilde-planten.nl

wilde-planten.nl

WINGERD, WILDE

De Wilde Wingerd (Parthenocissus) is een plant die vaak wordt aangeplant om gevels te bedekken. Het kan de gevel prachtig bedekken, tot wel tien meter hoogte toe. En het beschermt daarbij echt het huis. Het metselwerk blijft droog en houdt door de begroeiing het huis op hete zomerdagen veel koeler. Het biedt gelijk een mooie schuilplek voor vogels, die erin ook vaak hun nest bouwen. De bloemen geven royaal nectar aan bijvoorbeeld bijen. En voor de nachtvlinder de Wingerdpijlstaart is het een waardplant. Deze nachtvlinder komt hier jammer genoeg alleen als trekvlinder vooral in de zomer voor. De blauwe rijpe bessen die voor ons giftig zijn, worden door vogels wel graag gegeten. Die zijn eind van de zomer rijp en diep blauw. De groene nectar en pollen rijke bloemen staan begin van de zomer in trosjes in bloei. De plant hoort onder de familie van de Wijnstokken.

AANPLANTEN

Van oktober tot maart in een goed diep plantgat met redelijk wat mest. Afstand tussen de planten zeker 10 meter, want de Wilde Wingerd groeit vrij snel ver uit. De plant heeft zuignapjes waarmee het zich aan de gevel hecht. Niet alle wingerd-varieteiten hebben vee zuignapjes voor de hechting aan de muur. Tegenwoordig worden vaak niet hechtende soorten aangeboden. Dan is het zinvol de muur van latten en hechtdraden te voorzien, waar men de wingerd stevig aan kan bevestigen.

Soorten met veel hechtwortels alleen aanplanten bij een gave gevel. Anders eerst voor het aanplanten de voegen van het metselwerk (laten) bijwerken. Vroeger was het probleem met metselwerk met kalkmortel veel ernstiger. Na de herfst deze planten zonodig terugsnoeien, waarbij men oude scheuten kan verwijderen en jonge scheuten kan inkorten. Zorg er altijd voor dat er voldoende afstand blijft tot de goten en de takken niet onder een pannendak gaan groeien.

De bijzondere herstbladeren kleuren op gevels die veel zon krijgen intenser en roder dan bij zonarme gevels. Zorg ervoor dat de planten in een droge zoemer niet uitdrogen. Zeker als uw huis grote bakgoten heeft, gebeurt dat sneller.

De uit Amerika afkomstige Parthenocissus Quinquefolia heeft grote vijfdelige diepgroene bladeren en geelgroene twijgen, maar heeft niet veel minder zugnapjes, dan de uit Azie afkomstige Parthenocissus Tricuspedata met grote glanzende driedelig blad met lichtrode uitlopers. Ook van de wingerd met driedelig blad zijn varieteiten sorten hechtvoetjes.

Wilde Wingerd aan je gevel, foto directplant

ZILVERSPAR AILIM

hoge inzichten en een weidse blik

De spar, die pas in de Keltische tijd over Europa boven de Alpen werd verspreid, werd soms tot de landmansbomen gerekend.

De spar wordt soms bij uitzondering gebruikt voor het planten van een heilige boomcirkel. De Gaelic naam van spar is AILIM. De daarbij horende kleur± lichtblauw.

Bomenorakel

AILIM helpt je over een grote afstand uit te kijken. En geeft vaak een heldere visie wat zich achter onze horizon bevindt of nog zal komen.

Is de kaart bedekt of omgekeerd is vaak je visie vertroebeld. Dan is het zinvol om wat afstand van je huidige standpunt in te nemen. En naar een verder perspectief te zoeken.

Bij de Spar de rune Daeg. Daeg of Dagaz  staat voor doorbraak, het ontwaken, transformatie en de dag. De rune van het absolute vertrouwen, geestelijke ontwikkeling. Maar ook een draai van 180 graden; de dag die na de duisternis aanbreekt en alles rooskleurig laat uitzien.

Astrologische binding van de Spar met het teken Ram, beperkt met de planeet Jupiter. De Den heeft een binding met de planeten Saturnus, Mars, Pluto en beperkt met Mercurius, daarnaast met het teken Steenbok.

Als naaldbomen is er een astrologische binding met de planeet Mars.

Ø De Spar bij de Kelten

Vooral de spar is een boom, die over een grote afstand kan uitkijken. Niet alleen vanwege de hoogte, die de spar kan bereiken, maar ook omdat de spar op grote hoogte in de bergen kan groeien.

De zilverspar is de boom van de drie Brigid’s, afgebeeld met drie gezichten ( of aspecten) – die van het jonge meisje of ‘bruid’, in de lente / de matrone, die heerst over de vruchtbaarheid in de zomer / tenslotte een oude wijze vrouw in de wintermaanden. Een steeds doorgaande jaarlijkse cyclus. Zij wordt gezien als de ambachtsvrouw, de genezeres en de zieneres.

ZILVER-SPAR

Hoge inzichten. Een weids blikveld.

ZILVERSPAR = Abies Alba Aangeplant, maar intussen ingeburgerd

Net als andere sparren groeit deze boom hier van oorsprong niet. Aantal sparrensoorten hier al vroeg in onze geschiedenis aangeplant. Bepaalde soorten ingeburgerd.

Silver Fir(eng)   Sapin(fr)

De zilverspar is inheems in de Middel-Europese bergen, op hoogten van 800 tot 2000 meter. Aangeplant in Nederland voor de houtproduktie. Groeit in het begin langzaam, later sneller. Heeft nogal veel te lijden van vroege nachtvorst en bladluis. Bereikt een hoogte van 45 meter en heeft dan een omtrek van rond de 5m.

Manlijke bloemen gegroepeerd onder de scheuten van vorig jaar. Werpen hun stuifmeel in april. De vrouwelijke bloemen, eerst groen, ontwikkelen zich tot kegels van 12 x 3 cm., bij rijpheid roodbruin, met naar beneden gebogen bracteeën. Naalden hebben een witte streek op de rugzijde. schors is donker grijsachtig en bij oude bomen in kleine vierkantjes gebarsten. De kegels worden vaak opengebroken door eekhoorns op zoek naar zaad.

De zilverspar levert vurehout en wordt als kerstboom gebruikt.

Zie verder bij SPAR

ZUURBES of te wel Berberis

ZUURBES  heerlijke frisheid en stekende doorns

Zuurbes , tekening paul hoftijzer

Zuurbes = Berberis vulgaris is een vroeger zeer algemeen voorkomende hier groeiende plant uit de Berberisfamilie. Lange tijd was het in vele landen van Europa verboden om zuurbes aan te planten.

Omdat men pas laat wist dat zuurbes een tussenwaardplant is voor zwarte roest, een schimmel, die vooral gewone tarwe en rogge aantast, waren graan-verbouwende boeren erg tegen zuurbes, die volgens hen de oorzaak was van die schimmel. Dit in tegenstelling van velen die zuurbes gebruikten bij onder andere het maken van jam en marmelade. Pas in 1865 werd wetenschappelijk vastgesteld dat zuurbes slechts als doorgeef-plant een facet uit de cyclus van zwarte roest was en de graan zelf de belangrijkste schakel ervan. Heeft de berberis aan de onderzijde van het groene blad oranje-gele vlekken is het vaak door zwarte roest aangetast.

Zuurbes kan best hoog uitgroeien tot 4 meter toe. Het bloeit in mei en juni met gele bloemen. De bloemen reuken erg lekker. Van augustus tot oktober kan men de zure felrode bessen oogsten. De plant heeft blad-doorns en de onderzijde van de groene bladeren zijn grijsgroen. De herfstkleur van de plant vaak samen met de bessen is erg mooi. De plant groeit in grote delen van Europa en Azië. Het groeit vooral op wat schrale, vrij droge grond veelal op kalkhoudende grond langs bosranden en bij struikgewas aan de voet van heuvels en bergen.

Meer botanische informatie: https://wilde-planten.nl/zuurbes.htm

Natuurlijk staat zuurbes ook in het bestand van eetbare planten geschikt voor Permacultuur: https://www.permacultuurnederland.org/planten.php

AANPLANT

Plantje van Berberis Vulgaris zijn hier en daar te koop voor 1,25 per stuk voor plantjes van 80 cm. Het liefst in de herfst of winter planten. Er worden heel veel bontkleurige variëteiten van berberis te koop aangeboden, Zelf zou ik alleen de oorspronkelijke berberis vulgaris = zuurbes hier planten.

Pas op: de onrijpe bessen en andere delen van de plant bevatten de stof Berberine ( een natuurlijk zout dat werkt tegen bacteriele ziektes). Delen van de zuurbes zijn al zeer lang tegen diverse ziektes in gezet.